maandag 6 augustus 2007

Amsterdam Gay Pride 2007


'Net koninginnedag,
maar met een veer in je reet'

AMSTERDAM - “Gay Pride is net een soort koninginnedag, maar dan met een veer in je reet.” Dat was zo’n beetje de beschrijving die een coffeeshopbezoeker mij gaf. Hoewel afgelopen weekend alweer de twaalfde editie, was dit de eerste Gay Pride die ik meemaakte. De eerste editie vond plaats in het jaar 1996, toen ik remigreerde naar Suriname. Ik weet nog wel dat ik die beelden zag en erbij dacht: ‘Het is alsof Amsterdam mijn vertrek uitbundig viert’. Bij het zien van die foto’s van al die in veren getooide blote heren op vaarschuiten, realiseerde ik me dat ik de lancering van een nieuw wereldevenement had gemist.



Eén ding is zeker: die gays en lesbo’s zijn echte feestbeesten. Amsterdam was afgelopen weekend in één woord: beregezellig. Er was veel politie op de been. Vooral vanwege de recente voorvallen waarbij homo’s werden mishandeld. Nou vind ik het wel heel hypocriet van de samenleving die om zwaardere straffen roept voor ‘potenrammen’, want volgens mij is mishandeling van een mens al lang strafrechtelijk geregeld. Ik zie niet waarom mishandeling van een homoseksueel erger is. Oké, ik ben wel voor zwaardere straf als blijkt dat mishandeling gebaseerd is op haat vanwege iemands seksuele geaardheid, geloof, afkomst of levensovertuiging.



Maar ondanks de drukte was de sfeer alles behalve geladen. Dat komt natuurlijk omdat de Gay Pride bij uitstek een festijn van tolerantie is; wie iets tegen elkaar lebberende homo’s en lesbo’s heeft, kon dan maar beter binnen of thuis blijven. Vooral in de Reguliersdwarsstraat, waar elke vrouw mogelijk ballen tussen de benen kon hebben, was de streetparty ongekend gezellig. Over zeker vijftig meter waren indrukwekkende speakers in stellages opgesteld: de straat was één langgerekt danspodium. Als hetero hoefde je je er geheel niet kloten bij te voelen, je voelde hooguit heel wat kloten, als je je door het feestgedruis perste. Ik had al binnen vijf minuutjes mijn eerste drankje en dansje te pakken. Apart: meestal ben je als hetero op jacht, nu was je een gewild subject/object.



Als je gewend bent dat je altijd jezelf kan zijn, dan is het moeilijk voorstelbaar dat dat niet voor anderen opgaat. Maar de keiharde realiteit is dat homo’s en lesbo’s wereldwijd nog met de nek worden aangekeken. Zelfs in Amsterdam kon je teksten horen als: “Ik heb er niets op tegen, zolang het maar netjes blijft” of: “Sommige homo’s denken alleen maar aan seks.” En dan schijnt Amsterdam een tolerante stad te zijn. Een barman, die in een ‘heterotent’ werkt, wist mij te vertellen dat als zijn tent op bepaalde avonden door veel homo’s wordt bezocht, er standaard pennen en papier op de bar worden gelegd. “Er is geen enkele andere scene waarin er zoveel telefoonnummers worden uitgewisseld.” Toen ik verweerde dat het op seks belust zijn niet zozeer een homoding is maar iets van “wij mannen”, beaamde hij: “Als inderdaad alle vrouwen waren zoals wij mannen, dan zou er continu worden rondgeneukt.”



Amsterdam is inderdaad een stad van vrijheid en blijheid. Met Gay Pride werd dat nog eens extra benadrukt. Zelfs een doorgewinterde Amsterdammer keek met stijgende verwondering hoe buitenlanders in volle vrijheid softdrugs, hasjpijpen, porno kopen en ook nog eens voluit gay kunnen zijn. Sommigen zullen het bestempelen als Sodom en Gomorra. Het is goed dat homoseksuelen drie dagen lang in het openbaar uitbundig zichzelf kunnen zijn en dat Amsterdam even hún stad is – ‘the Gay Capital of the World’. Dat willen we toch allemaal: in een oergezellige stad erbij paraderen hoe je wil en dat je lekker je partner kan aflebberen zonder met de nek te worden aangekeken!



* * *